1814 Benoeming

Souverein Besluit 28 augustus 1814, nummer 14

Benoeming van Jean Daniel Cornelis Carel Willem d’Ablaing de Giessenburg (1779-1859) in de Ridderschap van Holland (akte van bewijs 27 juli 1816, afgegeven 16 okt. 1816).

Beeld: Hoge Raad van Adel, Den Haag, Archief van de Hoge Raad van Adel, inventarisnummer 501, Registers van wapens van adellijke geslachten, 1814-heden, A, folio 1

Wapen van het adellijk geslacht D’Ablaing van Giessenburg (1814)

Wapen (501-A-1)

Gevierendeeld; I en IV in rood een gouden leeuw, blauw getongd en genageld (D’Ablaing-Weicourt); II en III in blauw een keper, vergezeld van drie wassenaars, alles goud (Tumbelot); in een zilveren hartschild, uitgetand rood gezoomd, drie groene leeuwen, rood getongd (D’Ablaing). Het schild gedekt met een kroon van drie bladeren en twee maal drie parels; schildhouders twee omziende gouden leeuwen, rood getongd, houdende een zilveren [kopieakte van bewijs bruine] toernooilans met een banier, rechts volgens het eerste kwartier (de leeuw gericht naar de vluchtzijde), links volgens het tweede kwartier; wapenspreuk cassis tutissima virtus (‘De veiligste helm is de deugd’) in zwarte letters op een wit lint.

1816 Titelerkenning

Koninklijk Besluit 8 juli 1816, nr. 60

Erkenning van de titel baron voor jonkheer Johan Daniel Cornelis Carel Willem d’Ablaing van Giessenburg (1814), kamerheer en hofmaarschalk van de Kroonprins der Nederlanden, lid Ridderschap van Holland.

1840 Naamsvermeerdering en wapenvermeerdering – 1897

Koninklijk Besluit 15 juni 1840, nr. 65

Vergunning aan Joan Daniel Wilhelm baron d’Ablaing (1827-1897) om de naam Van Arkel (baron) d’Ablaing aan te nemen en zijn wapen te vierendelen met dat van Van Arkel, dit in de plaats van het wapen Tumbelot (diploma afgegeven 23 okt. 1847).

Wapen (511-A-1)

Beschrijving als 501-A-1 (1814), maar II en III in zilver twee beurtelings gekanteelde rode dwarsbalken (Van Arkel), geen schildkroon, maar twee helmen, beide met een kroon van drie bladeren en twee parels, en met als helmtekens rechts een uitkomende rood getongde gouden leeuw en links een uitkomende zilveren zwaan, zwart gebekt en met de uitgespreide vleugels volgens het tweede kwartier, en de rechter toernooilans goud en de linker zilver met een banier volgens het tweede kwartier.